← Terug naar overzicht

Nieuws

FLITS : Milieu- en Preventiewetgeving derde kwartaal 2017

 

Hieronder volgt een update van de meest relevante wijzigingen van de milieu/preventie wetgeving en dit telkens met een link naar de wetgeving. *Het betreft de wijzigingen vanaf 16/06/2017 t.e.m. 18/09/2017.

 

MILIEU

ALGEMEEN

 

  • Decreet van 30 juni 2017 houdende diverse bepalingen inzake omgeving, natuur en landbouw, B.S. 7 juli 2017
  • Dit verzameldecreet omvat verscheidene wijzigingen van Vlaamse milieuwetgeving. De belangrijkste wijzigingen worden hieronder opgesomd:

 

  • Decreet houdende maatregelen inzake het grondwaterbeheer (GRONDWATERDECREET)

Het verzameldecreet past de bijlage bij het grondwaterdecreet met de laag- en gebiedsfactoren aan. Deze bijlage is van toepassing voor de vaststelling van de heffing op de winning van grondwater > 30.000 m³/jaar of op een gewonnen volume grondwater in het jaar voorafgaand aan het heffingsjaar uit een afgesloten watervoerende laag. De wijze waarop de heffing op grondwaterwinning berekend wordt, blijft dezelfde, maar de gebiedsfactoren worden aangepast voor HJ 2018 tot en met HJ 2023 (er is een vaste jaarlijkse toename van de gebiedsfactor bepaald). Hierdoor zal de heffing voor 'actiegebieden grondwater' in de toekomst aanzienlijk hoger worden.

 

  • Decreet houdende duurzaam gebruik van pesticiden in het Vlaams Gewest

Het toepassingsgebied wordt verruimd met gebieden die door particulieren worden gebruikt en omvat nu de beschermde gebieden (natuur of drinkwater) en alle andere gebieden die door het brede publiek, door kwetsbare groepen of door particulieren worden gebruikt. Het gebruik van pesticiden kan door de Vlaamse Regering worden verboden of beperkt. Daarbij kan nu een bijkomend onderscheid gemaakt worden naar het type werkzame stof vb. glyfosaat alsook onderscheid naar de terreinen waarop de pesticiden worden toegepast, de activiteiten of de doelgroepen vb. kwetsbare personen. Voor professionele gebruikers met een fytolicentie gelden er andere regels. Zie verder: wijzigingen van het Pesticidenbesluit onder gevaarlijke stoffen.

 

  • Wet op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging

In deze wet is een lozingsverbod voor verontreinigde stoffen, vloeistoffen en voorwerpen opgenomen. Er zijn in art. 2 echter ook een aantal uitzonderingen op dit lozingsverbod bepaald. De wijziging door het verzameldecreet met betrekking tot deze wet voegt daar nog een uitzondering aan toe. Het lozen van ballastwater door schepen is voortaan toegelaten, op voorwaarde dat voldaan wordt aan de voorwaarden zoals voorzien in het Internationaal Verdrag van 13 februari 2004 voor de controle en het beheer van ballastwater en sedimenten van schepen.

 

  • Het verzameldecreet omvat verder ook nog wijzigingen aan het Decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, het Materialendecreet, het Bodemdecreet, het decreet betreffende integraal waterbeheer en het decreet betreffende de omgevingsvergunning. Het betreft inhoudelijk echter minder relevante zaken en/of louter juridisch-technische wijzigingen.

 

 

ENERGIE

 

 

GEVAARLIJKE STOFFEN

 

  • Besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 15 maart 2013 houdende nadere regels inzake duurzaam gebruik van pesticiden in het Vlaamse Gewest voor niet-land- en tuinbouwactiviteiten en de opmaak van het Vlaams Actieplan Duurzaam Pesticidengebruik (PESTICIDENBESLUIT), B.S. 18 juli 2017.
  • Dit besluit omvat het verbod op het gebruik van glyfosaat-houdende producten door personen die niet over een fytolicentie beschikken op gebieden die door particulieren worden gebruikt (o.a. tuinen en opritten).
  • Enkel professionele gebruikers met fytolicentie P1, P2 of P3 mogen nog pesticiden met glyfosaat gebruiken.
  • Een professionele gebruiker is: elke persoon die producten gebruikt in het kader van zijn beroepsactiviteiten, in de landbouwsector of daarbuiten, met inbegrip van de bedieners van de toepassingsapparatuur, technici, werkgevers en zelfstandigen.
  • Link wetgeving: http://www.ejustice.just.fgov.be/mopdf/2017/07/18_1.pdf#page=52

 

  • Verordening (EU) 2017/1510 van de Commissie van 30 augustus 2017 tot wijziging van de aanhangsels bij bijlage XVII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH) wat betreft kankerverwekkende, mutagene of voor de voortplanting giftige stoffen, E.P. 31 augustus 2017
  • Wijziging en aanvulling van de aanhangsels bij bijlage XVII (restrictielijst). Door diverse aanpassingen van de CLP-Verordening zijn meer stoffen ingedeeld als kankerverwekkend (C), mutageen (M) of giftig voor de voortplanting (R). Als gevolg hiervan worden de aanhangsels van de REACH-restrictielijst door deze Verordening aangepast. Een aantal bepalingen uit deze Verordening zijn slechts van toepassing vanaf 1 maart 2018.
  • Link wetgeving: http://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:32017R1510&from=NL

 

  • Uitbreiding kandidaatslijst zeer zorgwekkende stof (Substance of Very High Concern, SVHC)
  • Op 7 juli 2017 werd door het ECHA één stof toegevoegd aan de kandidaatslijst. PFHxS of Perfluorhexaan sulfonaat (incl. de zouten ervan) werd toegevoegd aan deze lijst met stoffen die ernstige effecten kunnen hebben op de gezondheid van de mens of het milieu. Voor de 174 stoffen die zich op de lijst bevinden is de meldings- en informatieplicht binnen het kader van de REACH wetgeving van toepassing.
  • De kandidaatslijst kan via de volgende link geraadpleegd worden: http://echa.europa.eu/candidate-list-table

 

OMGEVINGSVERGUNNING

 

  • Ministerieel Besluit van 7 juni 2017 tot aanpassing van een aantal formulieren naar aanleiding van de inwerkingtreding van de omgevingsvergunning, B.S. 4 juli 2017
  • Met dit besluit worden de aanvraagformulieren en de addendabibliotheek voor de omgevingsvergunningsaanvraag gewijzigd. Het betreft hoofzakelijk wijzigingen met betrekking tot stedenbouwkundige aspecten.
  • Link wetgeving: http://www.ejustice.just.fgov.be/mopdf/2017/07/04_1.pdf#Page36

 

WATER

 

  • Decreet van 7 juli 2017 tot wijziging van de wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging, het decreet van 24 januari 1984 houdende maatregelen inzake het grondwaterbeheer en het decreet van 24 mei 2002 betreffende water bestemd voor menselijke aanwending en houdende delegatie tot coördinatie en codificatie van de waterregelgeving, B.S. 4 augustus 2017
  • Dit decreet omvat de toekomstige bundeling van diverse waterwetgeving in één waterwetboek met de naam ‘decreet betreffende het integrale waterbeleid, gecoördineerd op 7 juli 2017’.
  • De wet op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging wordt ook gewijzigd met o.a.:

 

  • Bepalingen inzake nullozing:
    • Het nullozerstatuut kan worden verlengd voor opeenvolgende periodes van 10 jaar. Het dossier van de MER-deskundige moet voldoen aan de voorwaarden cfr. art. 35ter.§4.2°. Als het ingediende dossier op de datum van de eerste aanvraag nog niet hoefde te voldoen aan deze inhoudelijke voorwaarden moet het nu worden aangevuld om een verlenging van het nullozerstatuut te verkrijgen;
      • Als de VMM beschikt over gegevens over enige onvergunde lozing uit het productieproces, wordt de heffing op de vuilvracht, veroorzaakt door die lozing, bepaald volgens de regeling voor onvergunde lozingen, … cfr. art. 35ter.§10. Het nullozerstatuut wordt alleen behouden als de onregelmatige lozingssituatie is geremedieerd en de heffingsplichtige daarvan het bewijs levert;
    • 1 januari van het jaar voorafgaand aan het heffingsjaar moest de totale niet-lozing van afvalwater uit het productieproces worden verwezenlijkt en/of vastgesteld. Nu werd toegevoegd dat wanneer de totale niet-lozing van afvalwater uit het productieproces pas in de loop van het jaar dat voorafgaat aan het heffingsjaar wordt verwezenlijkt en/of vastgesteld, het nullozerstatuut kan worden toegekend vanaf de maand die volgt op de maand waarin de niet-lozing wordt vastgesteld.

 

  • Bepalingen inzake melding ingebruikname/stopzetting eigen waterwinning – nieuw art. 35octies/1:
    • De heffingsplichtige die in het jaar dat voorafgaat aan het heffingsjaar een eigen waterwinning in gebruik neemt, is verplicht dat aan de VMM te melden binnen een termijn van twee maanden vanaf de datum waarop hij van die waterwinning gebruikmaakt;
    • De heffingsplichtige die het gebruik van een eigen waterwinning stopzet, is verplicht dat aan de VMM te melden binnen een termijn van twee maanden vanaf de datum waarop die waterwinning niet meer wordt gebruikt;

Er werd toegevoegd dat in geval van overschrijding van deze termijn er wordt aangenomen dat de heffingsplichtige pas vanaf de tweede maand vóór de datum van ontvangst van de melding de waterwinning niet meer gebruikt. Tenzij de stopzetting reeds op een eerdere datum werd vastgesteld door de VMM of toezichthouder bevoegd voor milieuhandhaving, of tenzij een eerdere datum van stopzetting werd vastgelegd in de vergunning waarvoor er geen verdere exploitatie werd vastgesteld;

  • Er worden nieuwe meldingsplichten ingevoerd bij volledig overschakeling op een eigen waterwinning en bij gedeeltelijke overschakeling op water van de openbare watervoorzieningsmaatschappij.

 

  • In bijlage 1 met de omzettingscoëfficiënten (voor berekening heffing zonder meet- en bemonsteringsresultaten) is o.a. de benaming van categorie 55 aangepast naar ‘niet elders genoemde bedrijfsactiviteiten’ i.p.v. ‘niet hoger vermelde activiteiten’.

 

  • In het decreet houdende maatregelen inzake grondwaterbeheer wordt voor de melding ingebruikname/stopzetting grondwaterwinning verwezen naar art. 35octies/1 van de wet op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging zoals hiervoor vermeld.
  • Het wijzigingsdecreet is al deels in werking, een deel (bepalingen inzake nullozing, bepalingen inzake melding ingebruikname/stopzetting eigen waterwinning) gaat in werking op 1 januari 2018 en een deel gaat in werking op een nog vast te stellen datum.
  • Link wetgeving: http://www.ejustice.just.fgov.be/mopdf/2017/08/04_1.pdf#Page41

 

 

PREVENTIE

 

TIJDELIJKE MOBIELE BOUWPLAATSEN

 

  • Koninklijk Besluit van 25 januari 2001 betreffende de tijdelijke en mobiele bouwplaatsen, B.S. 7 februari 2001.
  • Het KB tijdelijke en mobiele bouwplaatsen wordt pas in een later stadium gradueel overgenomen in de nieuwe Codex onder boek III titel 7.
  • Voorlopig kan je voor de tijdelijke en mobiele bouwplaatsen blijven verwijzen naar het KB van 25 januari 2001 maar niet naar de oude codificatie ‘titel III hoofdstuk V’ (vroegere Codex-indeling).
  • Link wetgeving: http://www.ejustice.just.fgov.be/mopdf/2001/02/07_1.pdf#page=13

 

BOEK VI

 

  • Koninklijk Besluit van 21 juli 2017 tot wijziging van boek VI – Chemische, kankerverwekkende en mutagene agentia van de codex over het welzijn op het werk, B.S. 11 september 2017.
  • Het opschrift van het boek wordt veranderd en aangevuld met ‘reprotoxisch’ waardoor de nieuwe titel – Chemische, kankerverwekkende, mutagene en reprotoxische agentia wordt.
  • De definitie reprotoxische agentia wordt bijgevoegd, nl. stoffen die de vruchtbaarheid van vrouwen en mannen kunnen aantasten en die het ongeboren kind kunnen beschadigen.
  • De bijlagen VI.2-1 en VI.2-3 van boek VI worden aangevuld met de reprotoxische stoffen.
  • Link wetgeving: http://www.ejustice.just.fgov.be/mopdf/2017/09/11_1.pdf#page=105

← Terug naar overzicht